De alarmbellen gaan rinkelen, adrenaline stroomt door mijn lijf en ik sta volledig op scherp. Dit was gisterenavond. Bram heeft één van de vele virusjes die hij als peuter nu eenmaal moet doorstaan. Geen echte reden voor ongerustheid, want hoewel hij natuurlijk hangerig is, is hij verder nog levendig genoeg.
Eén of twee nachtjes goed slapen en dan is het waarschijnlijk weer over.
Hoewel het rationele gedeelte van mij dat heel goed weet, slaan de rest van mijn lichaam en geest volledig door. Totale alertheid is het gevolg en allerlei noodscenario’s spoken door mijn hoofd. Als ik zijn slaapkamertje ’s avonds in loop om nog even te kijken hoe het gaat, ga ik er eigenlijk al vanuit dat we zo direct op weg zijn naar het ziekenhuis. Meneer ligt natuurlijk heerlijk te slapen, dus ga ik naar bed en slaap zelf ook snel in. Gewend als ik ben ieder moment van slaap mee te kunnen pakken. Eén oor is gericht op de geluiden vanuit de slaapkamer aan de andere kant van de hal.
Inmiddels is het bijna 10 maanden geleden dat Sofie is overleden. Maar de waakzaamheid en alertheid blijven. Zodra ze getriggerd worden, ben ik in staat van paraatheid. Klaar voor de strijd.
Als het gevaar geweken is, zit ik, met een kersenpittenkussentje om mijn schouders en nek te ontspannen, een blog te tikken.
Plaats hier je opmerking
